Dit is geen keuze. Dit is een roeping. Klaagvrouw zijn vergt devotie en compassie. U kunt mij inhuren voor crematies en begrafenissen. Maar denk ook eens aan het uitzwaaien van geliefden, op het vliegveld of perron. Of als je de kleine moet achterlaten, bij die eerste schooldag. Mijn tarieven zijn redelijk, mijn rode ogen oprecht. Uien of sprays gebruik ik nooit.

En zo zijn er wel meer misverstanden over mijn professie. Het openkrassen van de borststreek is bijvoorbeeld niet inbegrepen. Dit vergt nogal wat nazorg. Dure zalfjes, een week herstel waardoor ik alleen telefonische klussen kan aannemen. Bovendien moet ik mijn nagels laten vijlen en extra kosten maken om mijn zwarte gewaad weer schoon te krijgen. Alleen kundige stomerijen krijgen bloedvlekken helemaal weg en die hebben tegenwoordig allemaal een wachtlijst. Verder ben ik volkomen flexibel en zal ik hartstochtelijk janken, krijsen en snikken om uw verlies en/of smart het gewenste cachet te verlenen.

Hoe ik mij voorbereid? Opvallend genoeg niet bij eigen leed. Een mens kan zich dan onmogelijk focussen op techniek. Toen mijn moeder overleed was ik een zwijgend hoopje ellende. Ik kon niet eens een dankwoord uitspreken, laat staan de goden vervloeken. Op dat soort momenten begrijp je ook echt de noodzaak om een professional in te huren.

Trainen doe ik onder het motto ‘wie het kleine niet eert’. Ik stort mij graag op dagelijkse droevigheden rondom huis en tuin. Melk over de datum, een buurjongen met een gat in zijn knie. Vogelpoep op pasgewassen ramen. Ik grijp elk moment aan om me in te leven in de onpeilbare droefenis van het bestaan. Soms begrijpen mensen dat niet. Gisteren wilde ik jammeren bij een arm vogeltje dat uit zijn nest was gevallen – of geduwd, want de wereld is onvoorstelbaar hard. De buren vroegen al na twee uur of het zachter mocht. Maar het gaat juist om het uithoudingsvermogen. De exacte schorre resonantie. Of ik binnen verder wilde gaan, met de ramen gesloten.

Mensen zijn niet meer overtuigd van het nut van een klaagvrouw. Ze ontkennen verlies, verstoppen de dood. Geen wonder dat we zo’n depressief volkje zijn.
Het is een hard bestaan. Merkwaardig, want er is leed genoeg voorhanden. Iedereen komt aan de beurt. Maar vaklui krijgen helaas niet meer het juiste respect. Misschien omdat ze zoveel huilen op TV. Dat stompt af en dat merk ik direct aan het aantal boekingen.
Maar ach. Ik mag niet klagen.

Deel mij!